Egbert Lagro al 62 jaar lang vrijwilliger in de wieler-en schaatssport
Van één kantinedienst per jaar tot een leven lang bijna op dagelijkse basis als vrijwilliger bezig zijn. De 77-jarige Egbert Lagro behoort tot deze laatste categorie. Al 62 jaar lang is hij vrijwilliger in de wieler-en schaatssport. “Maar dat maakt niet uit”, zegt Egbert. Hij hoeft geen erkenning, sport is zijn passie.

Het begon voor Egbert allemaal op 15-jarige leeftijd. We gaan dan terug naar 1956. Als jonge jongen, opgroeiend in Leeuwarden, kwam hij op de zondag regelmatig bij IJssalon De Ossekop. Heelco Halbersma was eigenaar van de ijssalon en met hem kwam hij in gesprek over het wielrennen. “Prachtige verhalen waren dat en ik verpandde mijn hart aan de wielersport. Als vijftienjarige jongen deed ik al van alles bij wielervereniging de Friese Leeuw.”
Vliegbasis Leeuwarden
Tot zijn 57e werkte Egbert bij Vliegbasis Leeuwarden in het magazijn. Hoewel zijn aanwezigheid was vereist had hij tijd genoeg over om tijdens zijn werk ook dingen te doen voor de wielersport. “Je weet waar ambtenaren goed in zijn toch? ’s Ochtend de krant opendoen en ’s avonds weer dicht.” Hoewel Egbert er graag grappen overmaakt weet hij dat het voor hem de perfecte baan was. “Ik had een droombaan en dat deed ik ook heel serieus hoor, maar het gaf mij ook tijd om zaken uit te werken voor de vereniging. Verslagen te maken voor de website en andere zaken te regelen. Op de vliegbasis zaten we, zeker de militairen, eigenlijk te wachten op de oorlog. Later ging dat er natuurlijk allemaal uit en ik kon er ook uit toen ik 57 jaar was.” Egbert gaat even door over oorlog en komt al snel op de dienstplicht. “Ik heb meer dan 20 maanden gediend, maar de jeugd hoeft dat tegenwoordig niet meer. Als je het mij vraagt moeten ze dat meteen weer invoeren, de dienstplicht. Dan gaat het schoffie er ook weer een beetje af. De mentaliteit van de jeugd is tegenwoordig anders. Velen willen niet werken, willen niks doen en lopen in kapotte spijkerbroeken op straat en hebben commentaar op anderen. Laat ze maar eens twee jaar ploeteren in dienst.”
Naar Heerenveen voor de sport
Vrijgezel Egbert groeide op in Leeuwarden en woonde daar ook lange tijd, maar toen zijn moeder overleed verkocht hij het huis. “Ik heb eerst een tijdje in Nieuwebrug gewoond, maar dat was me te stil. Toen ben ik naar Heerenveen verhuisd. Ik werkte weliswaar nog in Leeuwarden, maar ik was dagelijks te vinden bij wielerclub Olympia in Heerenveen. Ik was er nagenoeg elke avond en moest dan altijd weer helemaal terug. In Heerenveen gaan wonen was dan ook veel handiger.” Egbert kwam in Heerenveen terecht na wat onenigheid in Leeuwarden. “Toen ik in 72/73 bij de club kwam nam ik meteen plaats in het bestuur, maar ik heb veel meer gedaan. Ik trainde twee keer per week de jeugd, was jeugdleider, ploegleider en deed ook nog allerlei secretariële werkzaamheden.” Na het wielrennen kwam al snel het marathonschaatsen om de hoek kijken. “In het marathonschaatsen hadden ze ook juryleden nodig, zeker als het vroor en er natuurijswedstrijden waren. Marathonschaatsen ligt wat dat betreft dicht bij het wielrennen, het zijn beide duursporten en met een zomersport als wielrennen en een wintersport als schaatsen had ik het altijd druk. Prachtig.”
“Ik was te houterig”
Al vanaf zijn vijftiende is Egbert veel met sport bezig al streefde hij nimmer na om zelf een groot sportman te worden. “Ik was te houterig en dat ben ik nog steeds, al heb ik er nu nog wel wat meer klachten bij hoor. Ik vond het bestuurlijke gewoon leuker en op die manier was ik volop bezig in de sport.” Sporters trainen hard om uiteindelijk zo veel mogelijk prijzen in de wacht te slepen. Egbert is niet in de sport actief om prijzen te winnen of erkenning te vergaren, maar werd desondanks wel meerdere malen geëerd. “Ik kreeg een zilveren- en gouden wiel van de KNWU en ben erelid van Olympia, ook al bestaan ze niet meer, en van wielervereniging in Sneek waar ik nu al weer meer dan tien jaar werkzaam ben. Dat is wel een voordeel hoor, wat dan hoef je geen contributie meer te betalen.” Bij de wielervereniging stopt Egbert na dit seizoen al zal hij niet helemaal afscheid nemen. ”Ik zal wel wat mensen moeten inwerken, dus ik ben er nog regelmatig, maar zo actief als de laatste jaren zal ik niet meer zijn. Het schaatsen blijf ik nog wel doen hoor. In de marathon sta ik bij het rondebord en in het langebaanschaatsen ben ik voor het schaatscircuit aankomstrechter. Ik kan daar nog prima staan. Het schaatsseizoen is pas net begonnen en ik heb er al weer vijf wedstrijden opzitten. Nee, ik hoef me de komende maanden niet te vervelen.”
Door Jan van Loon Foto: ©Martin de Jong















