Algemeen

René Jelsma: “Ik kan mij niet voorstellen hoe het is om in een stad op te groeien”

JUBBEGA - Aan de Oude Groningerweg in Jubbega staat een groot boerenfamiliebedrijf waar twee gezinnen van kunnen leven. Elke ochtend staat René Jelsma (49) vroeg op om alle koeien te melken. 

Foto: Mustafa Gumussu
Foto: Mustafa Gumussu

“Dat is rustig wakker worden én dan ontstaan de leukste ideeën!” Daarnaast kennen we René als voorzitter van Plaatselijk Belang Jubbega-Hoornsterzwaag en is hij lid van de MR van de nieuwe fusieschool It Bûtenplak in Hoornsterzwaag. Met twee sc Heerenveen seizoenkaarten op zak bezoekt hij graag de wedstrijden met zijn vader of neemt hij één van zijn tweelingzoons mee. Een veelzijdige betrokken man met een uitgesproken mening, een harde werker met een groot gezin die volop geniet van het buitenleven.

“Ik ben een echte koeienboer”, begint René Jelsma. “De variatie in de werkzaamheden maakt het leuk.” ’s Ochtends begint René al om 5.15 uur met melken. Hij melkt er 200 en is dan tweeënhalf uur later klaar. Terwijl hij melkt zorgt zijn broer Arjen voor het voeren van de dieren en de andere werkzaamheden. ’s Middags zijn de rollen omgedraaid en staat zijn broer te melken terwijl René de klussen er omheen oppakt. Ze werken goed samen en vullen elkaar goed aan in het bedrijf. “En omdat we dit met zijn tweeën doen hebben wij elke twee weken een vrij weekend én kunnen we gewoon met vakantie elk jaar.” Overigens loopt pa Jelsma ook nog altijd rond op de boerderij ondanks dat hij de zeventig al gepasseerd is. Of dit voor René ook weggelegd is? Dat ligt helemaal aan de opvolgers, als die er überhaupt zijn. Inmiddels is het bedrijf al drie generaties in de familie, maar wellicht stopt het bij deze twee broers.

Boerderijbrand

In 1957 zijn de Jelsma’s in Jubbega neergestreken. Helaas ontstond er acht jaar later brand in de boerderij aan de Schoterlandseweg (tegenover de oude Mr. J.B. Kanschool) en is in overleg met de verpachter het boerenbedrijf meer naar het zuiden verplaatst, naar de boerderij aan de Oude Groningerweg.

René Jelsma: “Op verzoek van de toenmalige eigenaren heeft mijn opa toen de boerderij vernoemd naar hun bij een auto-ongeluk overleden dochter: Annie. Vandaar de naam van onze boerderij: Annie-hoeve.” René heeft onder andere aan de Hogere Landbouwschool en de Landbouw Universiteit in Wageningen gestudeerd en buiten de deur gewerkt om te zien of dat beter beviel dan het boerenleven. “Dit is nu eenmaal niet acht uur per dag, vijf dagen per week. Hier op het bedrijf werk je een stuk meer.” Bijna gelijktijdig met broer Arjen besloot René om toch in te stappen in het familiebedrijf. “Ik had keuzevrijheid om het te gaan doen of niet en die geef ik ook aan mijn kinderen. Als je ziet wat er allemaal op je af komt tegenwoordig moet je het nú wel écht leuk vinden om boer te worden. Anders kun je beter iets anders zoeken.” Gekscherend voegt hij er aan toe: “Als je vroeger niets kon leren, kon je altijd boer worden. Tegenwoordig is dat wel anders.”

Boer zijn is vrijheid

Voor René betekent het boer zijn een stukje vrijheid, je eigen ding doen én doen wat je leuk vindt. “Ja, natuurlijk zijn er ook minder leuke klusjes, die heb je overal. Maar ik vind juist de afwisseling en de veelzijdigheid van het bedrijf leuk.” Daarnaast geniet René enorm van het geluid van de fluitende vogels, ’s ochtends vroeg. Ze zitten dan ook op een mooie plek aan een rustig weggetje. “Ik kan mij niet voorstellen hoe het is om in een stad op te groeien.  Maar als ik in de stad opgegroeid was had ik me waarschijnlijk niet kunnen voorstellen hoe het is om hier op te groeien. Ik vind het heerlijk hier! Het is hier mooi wonen.”

De beide vrouwen hebben een baan buiten de deur. “Ik heb mij er nooit in verdiept of dit nodig was of niet. Maar ik vind het voor de vrouwen wel fijn dat ze werken, iets voor zichzelf hebben en onder de mensen komen. Natuurlijk is het prettig als ze werken, waardoor wij meer geld in het bedrijf kunnen houden en het bedrijf daarmee kunnen versterken.”

5 + 2

René is getrouwd en heeft drie kinderen, een dochter van dertien en twee zonen van elf jaar oud. Maar eigenlijk is zijn gezin groter, zegt hij. “Wij waren met zijn zevenen.” Nadat zijn schoonzus en zwager overleden aan respectievelijk een auto-immuunziekte (de ziekte van Wegener) en aan alvleesklierkanker kwamen hun dochters bij René en zijn gezin inwonen. “Je hebt er ineens twee dochters bij…. Gelukkig had ik het huis net verbouwd en hadden ze al meerdere keren in de weekenden bij ons gewoond waardoor ons huis er op ingericht was. Ik vergeet ook nooit meer dat mijn schoonzusje zei: ‘Ik zit in mijn bonusjaren’. Het is heel ingrijpend geweest allemaal… Toen waren er ineens vijf kinderen. Maar het is allemaal goed gekomen. Er zijn wezen die er minder vanaf komen. Het is overigens voor hun ontwikkeling goed geweest om hier een aantal jaren gewoond hebben. Inmiddels zijn de beide meiden het huis uit en zijn we onze oppas kwijt. Dat is best onhandig!” René zegt het met een grote glimlach op zijn gezicht.

Wie is René Jelsma?

“Ik wil het misschien wel niet weten wat anderen van mij vinden… Ik heb in ieder geval met weinig mensen ruzie, sta positief in het leven, ik ben rustig en soms onzeker. Soms vraag ik mij of ik het wel goed doe… Ik ben betrokken, ben nuchter en oplossingsgericht, sta voor anderen klaar én vergeet mijzelf niet.”

René is van mening, dat als je wilt dat er iets gebeurt je het beter zelf kunt doen. En dit was één van de redenen om in het bestuur van Plaatselijk Belang te gaan zitten. “Ik word soms wel gewaarschuwd, dat ik niet teveel hooi op mijn vork moet nemen. Dus daarom zeg ik momenteel ook ‘nee’ als ik voor iets gevraagd word.” Op dit moment is René Jelsma voorzitter van Plaatselijk Belang Jubbega-Hoornsterzwaag en zit hij in de medezeggenschapsraad  van It Bûtenplak, de nieuwe school in Hoornsterzwaag. Deze school ontstond uit de fusie tussen de Mr. J.B. Kanschool en school Op é Grins. Ooit ging René zelf ook naar de Mr. J.B. Kanschool en ook zijn kinderen zaten op deze school. Daarom was het een logische keuze om in de ondernemingsraad plaats te nemen. “Ik zei tegen mezelf, als ik wil dat de fusie wat wordt, dan moet ik mij er mee gaan bemoeien, me ervoor in gaan zetten. Dan kun je jezelf nooit het verwijt maken dat je niet je best hebt gedaan.”

De boer heeft het gedaan

Er zijn in Nederland en daarmee ook in Friesland zorgen om de weidevogelstand. Volgens Vogelbescherming Nederland dreigen de grutto, slobeend, kievit, watersnip en wulp binnen vijftig jaar uitgestorven te zijn in Friesland. “Wie krijgt daar de schuld van? De veehouder. Maar het is niet alleen de veehouder. Er zijn veel dassen, roofvogels, steenmarters, ooievaars, vossen en katten. Ik zeg niet dat de boeren niets doen, wij gaan wel met grote machines over het land en zien ook niet alles. Maar wij zijn het zeker niet alleen! Het is altijd en, en, en”, reageert René heel beslist.

“Dat gevoel krijg je wel eens, dat de boer het altijd heeft gedaan. Veel wordt er ook geroepen uit onwetendheid.” René meent dat het vooral met de opstelling van jou als boer te maken heeft. Daarom roept hij bij deze ook op: “Heb je vragen? Kom gerust langs. Ik laat je het bedrijf zien en geef antwoorden op al je vragen. Dat is geen probleem!”

Mensen moeten gewoon niet te snel een oordeel hebben vindt René. “Wil je je toch een mening vormen? Dan zul je je eerst moeten verdiepen. Het is eigenlijk heel simpel: zonder boeren geen voedsel! Wij zijn er voor iedereen. Als je alle boeren uit Nederland wegpest, weet je niet wat er je er voor terugkrijgt. Ik denk ook niet dat het de oplossing is om iedereen vegetarisch/veganistisch te maken. Er zijn gewoon veel monden die eten moeten hebben. Er wordt te weinig voedsel op de wereld geproduceerd als we alleen vegetarisch zouden zijn Daarnaast eten de dieren ook heel veel afvalproducten op, die overblijven bij de productie van ons eigen voedsel. Stel je eens voor hoe groot de afvalberg dan zou worden.” Trouwens, volgens René is ook niet al het landbouwgrond geschikt voor alle gewassen. Soms is het alleen geschikt voor gras. “En daar kunnen de dieren mooi op staan.”

René Jelsma eindigt het gesprek met de volgende woorden: “Niets menselijks is mij vreemd. Iedereen maakt fouten. Fouten maken is menselijk. Maar blijf met elkaar praten. Soms moet je er gewoon even bij weglopen. En eenmaal uitgepraat is het ook klaar. Punt.”

Door: Janita Baron