Algemeen

Pieter Meeter van Akkrumer skûtsje: “Verjonging is gewoon noodzakelijk, om nieuw vuur in de ploeg te krijgen”

Door: Ferdinand de Jong

AKKRUM - Van 18 tot en met 31 juli strijden veertien Friese skûtsjes om het kampioenschap 2026.

Pieter Meeter en Debbie van Midlum voor de Frisian Queen
Pieter Meeter en Debbie van Midlum voor de Frisian Queen Ferdinand de Jong

GrootHeerenveen trok voorafgaande aan de wedstrijden naar Akkrum, waar Pieter Meeter de schipper is van het Akkrumer skûtsje. Pieter is schipper sinds 2007 en opvolger van zijn vader Eildert Meeter. Best grote schoenen om te vullen, want Eildert Meeter is nog altijd de enige schipper in de geschiedenisboeken die zowel bij de IFKS als bij de SKS kampioen geworden is.

Pieter Meeter schopte het tot nu toe tot twee derde plaatsen in een steeds professioneler wordend SKS deelnemersveld. “Pa is, nadat hij stopte, nooit weer aan boord geweest”, zegt Pieter. “Hij volgt wel alles vanaf zijn eigen sleepboot, maar hij heeft ons altijd de ruimte gegeven om onze eigen dingen te doen.

<p></p>
(Foto Gewoan Dwaan / Douwe Bijlsma)

Drukke tijden
Het zijn drukke tijden voor de schipper van het Akkrumer skûtsje. Pieter Meeter en zijn partner Debbie van Midlum hebben in de aanloop naar het SKS-seizoen meerdere keren per week boekingen voor hun iconische raderboot de Frisian Queen. “Het is een gekkenboel, maar we klagen niet”, zegt Pieter lachend. Als kok legt hij zijn gasten culinair in de watten op een schip dat je zo in de zuidelijke staten van Amerika over de Mississippi ziet varen. “Het is een mooi uithangbord en je weet maar nooit wat er uit voort kan vloeien. Misschien zo nu en dan een klein sponsortje er bij.”

En dan is er het skûtsjesilen, een unieke combinatie van topsport en folklore. De drukte begint al ver van tevoren. Er wordt elke week getraind op het Sneekermeer, in het voorseizoen eerst op de zondag en als de dagen lengen gaat het naar de woensdagavond. “Trainen op starten met een stuk of tien, vijftien skûtsjes tegelijk, daar leer je van”, zegt Pieter Meeter, die tevreden is over de gevaren wedstrijden in het voorseizoen.

<p>Debbie van Midlum en Pieter Meer voor de Frisian Queen</p>
Debbie van Midlum en Pieter Meer voor de Frisian Queen (Foto: Ferdinand de Jong)

Adviseur
Het Akkrumer skûtsje, herkenbaar aan het zeilteken PM en als een van de twee witte schepen in de SKS vloot, heeft al jaren een redelijk vaste bemanningsploeg. “Soms moet je er even met de bezem door om iedereen scherp te houden, anders loop je het risico dat het op de automatische piloot gaat en dan mis je de boot. Verjonging is gewoon noodzakelijk, om nieuw vuur in de ploeg te krijgen.” Hij grijnst: “Je merkt zelf ook wel dat de knietjes soms wat beginnen te protesteren.” “Daarom heb je nu ook een adviseur”, zegt Debbie.

Het hele jaar leven de Meeters toe naar de bouwvak, het hoogtepunt van de Friese zomer. “Alles draait daar toch wel voor een groot gedeelte om”, meent Debbie. “Eerst zelf in de SKS en daarna volgen we de IFKS ook nog een week”, zegt Pieter, die jaren zonder adviseur zeilde. Vorig seizoen veranderde dit en was Johannes Meeter zijn adviseur; dit jaar zal Fokke Wijkstra deze taak op zich nemen. “Dat is inderdaad weer even wennen, ik deed het tot nu toe altijd zelf: sturen en uitkijken. Maar ik merk dat als je elkaar vertrouwen geeft, het wel goed voelt. Ik krijg meer tijd om te sturen en samen met Fokke Wijkstra bepalen we de koers. Na het seizoen gaan we evalueren en bekijken we hoe we verder gaan.

Voortdurende wijzigingen in de zeilformules
De wijzigingen in de zeilformules vragen om aanpassingen en om goed in de vloot te blijven zeilen, moeten er om de paar jaar nieuwe fokken en een grootzeil komen. “De bedragen die in de zeilerij omgaan zijn geen kattenpis, maar je moet wel als je mee wil doen om de hoogste plekken”, legt Pieter uit. Hij is kritisch op de voortdurende vernieuwingen in de SKS zeilformule en vraagt zich hardop af of het beoogde doel om de schepen dichter bij elkaar te brengen wel behaald wordt. “Op papier zal het allemaal wel kloppen, maar hoe het in de praktijk uitpakt, moet ik nog zien.”

Het in de vaart houden van een SKS skûtsje en ook nog zorgen dat het competitief blijft, kost veel geld. Pieter: “Wij zijn zelf eigenaar van het schip, dus draaien we ook voor alle kosten op. Gelukkig hebben we een groep sponsoren, die overal in en van buiten de provincie vandaan komen en ons daarbij helpen, anders wordt het een hele toer.”

<p></p>
(Foto Gewoan Dwaan / Douwe Bijlsma)

Bemanning
In de veertiendaagse wedstrijdreeks eten de bemanningsleden drie keer met elkaar, maar er is geen centrale catering. De bemanning van het Akkrumer skûtsje slaapt ook niet met elkaar op één volgschip, zoals dat bij sommige andere teams wel gebeurt. “Na de wedstrijd is ons volgschip tot 23.00 uur open; daarna gaat iedereen naar zijn eigen boot om te slapen”, zegt Pieter. De schipper heeft één belangrijke gedragsregel: “Als je op een wedstrijddag met een kater op het skûtsje durft te stappen, mag je dadelijk vertrekken. Ik vind dat we een verplichting hebben in de richting van onze sponsoren om zo goed mogelijk ons best te doen om in de top in het klassement mee te draaien. Je mag best een feestje vieren, maar als er gezeild moet worden, gáán we er ook voor.”

Wedstrijddata SKS-Kampioenschap 2026
za 18 juli Grou
ma 20 juli De Veenhoop
di 21 juli Earnewâld
wo 22 juli Terherne
do 23 juli Langweer
vr 24 juli Inhaal- of rustdag

za 25 juli Stavoren
ma 27 juli Woudsend
di 28 juli Elahuizen
wo 29 juli Lemmer
do 30 juli Lemmer 2
vr 31 juli Sneek

Alle wedstrijden beginnen om 14.00 uur.