Jaarlijkse Indiëherdenking bij monument op Gashoudersplein in Heerenveen
HEERENVEEN – In Heerenveen zijn zondagavond de slachtoffers van de Japanse bezetting van het voormalig Nederlands-Indië herdacht bij het Indiëmonument op het Gashoudersplein.

Op 15 augustus kwam er met de capitulatie van Japan officieel een einde aan de Tweede Wereldoorlog voor Nederland. Vanwege de Corona-maatregelen was de vormgeving van de herdenking dit jaar anders dan voorgaande jaren. Er was na afloop geen samenkomst met een kopje koffie. Dit vanwege het coronavirus.
Burgemeester Tjeerd van der Zwan hield een toespraak. Daarna volgt een toespraak van gastspreker mevrouw Tjitske Kamstra. Zij spreekt over de ervaringen van haar moeder in de kampen. Na de beide toespraken volgde het spelen van het Nederlands signaal Taptoe met aansluitend een minuut stilte. Vervolgens klonk het Wilhelmus en worden er bloemen gelegd bij het monument.
Definitief einde Tweede Wereldoorlog
Elk jaar herdenkt de Heerenveense gemeenschap op 15 augustus het definitieve einde van de Tweede Wereldoorlog door de capitulatie van Japan en de bevrijding van Nederlands-Indië. Bovendien staan we stil bij de Heerenveense slachtoffers die als militair hun leven lieten in Nederlands-Indië.
Hieronder lees je de speech van burgemeester Tjeerd van der Zwan!
Dames en heren,
Om me heen kijkend vind ik het ontzettend fijn, en goed, dat we hier in Heerenveen elkaar ook dit jaar weer op 15 augustus treffen. Dat we hier weer met elkaar mogen en kunnen staan, bij deze ‘Indiëherdenking’. En samen stil te kunnen staan bij het definitieve einde van de Tweede Wereldoorlog en alle slachtoffers te gedenken die vielen onder de Japanse bezetting van Nederlands-Indië.
Opnieuw gaan, door de corona, veel herdenkingen dit jaar niet door. Landelijk was de oproep om, net als vorig jaar, thuis te herdenken. De plechtigheid bij het Indisch Monument in Den Haag is via de televisie te volgen.
Met de juiste maatregelen meenden wij dat herdenken met een bijeenkomst wel zou moeten kunnen doorgaan. Toch hebben we in de afgelopen dagen besloten te ‘versoberen’; we zien daarom af van een gezamenlijke ‘nazit’.
Dames en heren,
Zoals we jaarlijks op 15 augustus bijeenkomen, ervaar ik persoonlijk als heel bijzonder. Voor veel Nederlanders is het nog steeds ‘een gewone’ dag. Voor ons, hier bij elkaar, is dit een dag met een lading. Een dag die herdacht hóórt te worden.
Bij ons thuis is 15 augustus altijd een belangrijke datum geweest. Natuurlijk stonden wij stil bij 4 en 5 mei. Maar pas dik drie maand later, op 15 augustus, vierden we in ons gezin de echte bevrijding. Omdat op die datum de Japanners zich in Nederlands-Indië overgaven en mijn moeder, mijn opa en oma en mijn oom en tantes uit de kampen werden bevrijd.
Zij zijn er niet meer.
En zo wordt de groep mensen die persoonlijk herinneringen heeft aan de bezetting en de bevrijding van Nederlands-Indië met het jaar kleiner.
Toch werken hun ervaringen door, ook nu nog.
We weten veel, maar lang niet alles. Weten wij wat zij meemaakten, onze beppes en vaders? Werden alle verhalen gedeeld?
Van nabij heb ik verdriet en onbegrip gezien en gevoeld dat er veel werd stilgezwegen. Door de mensen die jarenlang in Japanse kampen zaten, die slavenarbeid verrichtten in de jungle, of die als KNIL-soldaat dapper vochten tegen een oppermachtige vijand en gevangen werden genomen.
En door de families die dan wel bevrijd waren van de Japanners, maar daarna hun ‘thuis’ kwijt waren.
Velen werden daarom naar Nederland verscheept. Terug naar het ‘moederland’.
Maar voor een heel grote groep was dit een buitenland, een land waar ze niet eens waren opgegroeid – hun wortels lagen in Indië. Ze lieten letterlijk hun huis en haard voor altijd achter. Het zorgde voor een sterk gevoel van ontheemding dat bij velen tot op de dag van vandaag voortduurt.
Ze kwamen terecht in een land waar de oorlog al langer was afgelopen en waar een andere herinnering aan die oorlog was. Verhalen over de oorlog in het verre Azië, daar was geen ruimte voor.
De militairen die na de bevrijding van de Japanners terechtkwamen in de onafhankelijkheidsoorlog die direct volgde, hadden te maken met weer heel andere ervaringen. De koloniale strijd bleek een waar je ook liever over zweeg. Ook van hen werd min of meer verwacht dat ze niet achteromkeken. Vaak noodgedwongen hield men voor zich wat men had meegemaakt.
Indirect werd verwacht dat ze zich zo geruisloos mogelijk aanpasten. En zo was het gevolg dat ze bleven zwijgen over hun ervaringen.
Je vraagt je af of de overlevenden wel ooit allemaal écht bevrijd zijn na die verschrikkelijke oorlog.
Het is maar goed dat de huidige generatie gewend is aan open relaties en vraagt naar persoonlijke verhalen. Juist daarom is het goed om op dagen als vandaag met elkaar te luisteren naar verhalen, en om de eigen verhalen en ervaringen te delen. En om ze weer door te geven aan de eigen kinderen.
Dames en heren,
In Heerenveen herdenken wij sinds 15 augustus 2002 het einde van de oorlog in Nederlands-Indië. Op initiatief van de heer Foppe de Boer en gesteund door andere inwoners die als dienstplichtig militair naar Indië waren uitgezonden, is deze gedenksteen geplaatst en komen we hier elk jaar officieel bij elkaar.
Straks leggen we hier, bij het Indië Monument van Heerenveen, onze kransen.
Op het monument staan vijf namen van plaatsgenoten die als militair in Nederlands-Indië zijn gesneuveld:
Sake Heemstra, Lieuwe van der Molen, Pieter Roorda, Sybren Smilde en Gerrit Vis.
Hun namen staan symbool voor alle gevallenen uit die tijd. Laten we blijven gedenken, niet vergeten en onze vrijheid koesteren als heel bijzonder!



















