Algemeen

Face to Face met Wietske Brouwer-de Jong: “Vertrouwen, daar gaat het eigenlijk om”

Wietske de Jong is geboren in 1947 en is pas elf jaar als haar vader, de bekende verzetsman Jan de Jong uit Heerenveen in 1958 plotseling komt te overlijden aan een hartinfarct. Als jong meisje heeft ze ‘grote oren’, meent ze en ze luistert mee met de gesprekken thuis. “Ik heb veel verhalen gehoord in de loop der tijd.” “Gehóórd,” benadrukt ze, “niet gesproken met, daarvoor was ik te jong.” Wietske de Jong groeit op met vele ‘ooms’ en ‘tantes’ uit het verzet, die het gezin ook na het overlijden van vader blijven bezoeken. Zo ontdekt ze de vele puzzelstukjes die het leven van haar vader tekenen tijdens de Tweede Wereldoorlog én de wederopbouw.

Wietske Brouwer-de Jong woont zelf in Sexbierum, als vrouw van een apotheekhoudend huisarts. Ze twijfelt even om mee te werken aan dit artikel. “Omdat ík niet belangrijk ben; mijn vader is belangrijk. Hij was het middelpunt, ik vertel alleen maar zijn verhaal. Hij is niet voor niets vele malen onderscheiden…”

Wietske Brouwer - de Jong
Wietske Brouwer - de Jong FPH Mustafa Gumussu

Verzetsleider Smid Jan de Jong (1899-1958)

Wietske de Jong heeft eigenlijk alleen maar positieve herinneringen aan haar jeugd. “Ik heb dansen van mijn vader geleerd! Maar ook, dat je alles nog te voet doet en het feit dat je iedereen op straat groet. Het was zo anders dan het Heerenveen van nu…” Samen met haar duiken we de geschiedenis in, met verhalen over moed en doorzettingsvermogen. Waarbij het woord ‘vertrouwen’ regelmatig zal vallen.

Haar vader staat vóór de Tweede Wereldoorlog in Heerenveen al bekend als Smid De Jong. “Mijn vader was heel ambitieus en werkte hard. Hij had een smederij en ijzerhandel op de Dracht, waar ook huishoudelijke artikelen en kinderwagens verkocht werden. Hij was hoefsmid én kachelsmid, leraar hoefbeslag op de ambachtsschool in Heerenveen en Leeuwarden en zat in allerhande besturen.” Tijdens de oorlog is Jan de Jong verzetsleider in Heerenveen en betrokken bij vele acties. Hij heeft een positie waarin hij veel mensen kent. En zelfs de Duitsers hebbend hem nodig als smid. “Mijn vader kwam natuurlijk veel bij de boeren voor het hoefbeslag. Maar ging ook regelmatig mee met veearts Harm Hofkamp in zijn auto om hem te assisteren. De Duitsers zochten er niets achter. En zo konden ze samen onopvallend op pad om mensen naar onderduiklocaties te brengen. Ja, zo gaat het als vrienden elkaar helpen en elkaar vertrouwen.”

Geld voor het verzet

De verzetsgroep in Heerenveen wordt steeds groter. Smid Jan de Jong is hoofdcontactpersoon van de L.O., de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers, en het verzet heeft geld nodig voor die onderduikers. De penningmeester van de L.O. in Heerenveen, Hendrik Steenwijk die een schoenenwinkel aan de Dracht heeft, houdt in eerste instantie een kasboek bij, maar dan bedenkt de groep dat dit natuurlijk bewijs tegen hen is en ze besluiten vanaf dat moment elkaar te vertrouwen én het kasboek in de kachel te gooien. “Dat vertrouwen, daar gaat het eigenlijk om. Dat is alles in die tijd”, benadrukt Wietske.


Wietske Brouwer - de Jong - FPH Mustafa Gumussu

Zélf in de onderduik

Haar vader helpt onder meer persoonlijk de Joodse familie Tof, die een textielzaak aan de Lindegracht heeft, met onderduiken; en haalt na een noodlanding van een bommenwerper bij Nijelamer óók persoonlijk - samen met HBS-lerares Engels Sophia Verhagen - op de fiets de Amerikaanse piloot Thomas Reilly op uit een weiland in Rottum. Vaak neemt hij zijn zoon Wiebe mee op onopvallende fietstochten om onderduikers te redden. Het is slechts een greep uit de vele verhalen die hier verteld zouden kunnen worden.

Er zijn in deze oorlogsjaren 1081 personen ondergedoken geweest, vertelt Wietske. “En mijn vader is daar uiteindelijk één van. Hij is hoogstwaarschijnlijk verraden, de Duitsers stonden op het treinstation in Grou op hem te wachten.” Haar vader is dan onderweg naar Leeuwarden voor een overleg rondom de geplande overval van de gevangenis Blokhuispoort op 8 december 1944. “Als hij in Akkrum aankomt is er een hoop herrie. Er wordt onder meer geroepen: ‘Smid De Jong, eruit!’ Mijn vader vertrouwt het niet. Totdat hij een bekend gezicht ziet die hetzelfde roept. Dan begrijpt hij dat het serieus in en verlaat via de andere kant de trein. Via de landerijen vertrekt hij met de bekende naar een onderduikadres in Soarremoarre, boven Aldeboarn.”

Wederopbouw Heerenveen

Jan de Jong blijft betrokken bij het verzet, ook al zit hij ondergedoken. “Alle mensen die in het verzet hebben gezeten en de oorlog overleefd hebben, hebben de basis gelegd voor het huidige Heerenveen”, zegt Wietske. “Dat wordt heel vaak vergeten…” Direct na de bevrijding is er nog geen burgemeester. Jan de Jong vraagt Ekke de Haan waarnemend burgemeester te worden en wordt zelf aangesteld als Gemeentecommandant. NSB’ers worden opgesloten in Crackstate en er moet van alles gebeuren. Wietske: “Hij moest zorgen dat alles goed geregeld werd in Heerenveen. Dáárvoor ben je niet opgeleid. Hij voelde zich verantwoordelijk en dus deed hij het.” Haar vader voelt zich voor heel veel dingen verantwoordelijk, vertelt ze. “Dat zie je aan zijn maatschappelijke carrière. Mijn vader heeft zich tot zijn overlijden als gemeenteraadslid ingezet. We dachten dat hij wethouder zou worden.” Maar dan komt in 1958 zijn onverwacht overlijden. “Hij heeft een zwaar leven gehad in de oorlog, met al die spanning…”


Jan de Jong - FPH Mustafa Gumussu

Vele ooms en tantes

Je hoort vaak dat er thuis niet over de oorlog werd gesproken. Maar dat ervaart Wietske anders. Als klein meisje ziet ze dat er veel ‘ooms’ en ‘tantes’ op bezoek komen; mensen die net als haar vader in het verzet hebben gezeten en onderling wél spreken over wat ze meegemaakt hebben. “Het was bij ons echt een inloophuis en vader nam ons ook mee om bij hen op bezoek te gaan.”

Wietske is te jong om er met haar vader over te spreken, maar spreekt er later wel met haar halfbroers en -zussen over. De eerste vrouw van Jan de Jong is in 1941 overleden en hij bleef achter met vijf kinderen. Na de oorlog hertrouwde hij en uit dit tweede huwelijk werd in 1947 Wietske geboren. Als Wietske ouder is, zal ze zelf de gesprekken aangaan met haar familie én haar ‘ooms’ en ‘tantes’. “Ik heb veel verhalen gehoord in de loop der tijd”, zegt ze. Het zet haar en haar halfbroers en -zussen aan het denken. Zou het niet mooi zijn als er een straatnaam in Heerenveen komt die herinnert aan hun vader en/of aan de andere mensen uit het verzet? Haar broer Wiebe doet een eerste poging om door de bureaucratische molen heen te komen, maar slaagt er helaas niet in. Na de pensionering van haar man besluit Wietske het samen met hem en haar broer nog eenmaal te proberen.

Boom der Onverzettelijken

In die bureaucratische molen vraagt men haar steeds om bewijzen, dus gaat het drietal op onderzoek uit in de archieven en spreken ze vele mensen in Heerenveen en omgeving. Iemand van de Werkgroep Oud-Heerenveen vraagt zich tijdens het eerste bezoek hardop af of het verstandig is om deze verhalen op de rakelen; er kunnen ook negatieve gevolgen aan zitten. Maar als hij de naam Smid De Jong hoort, weet hij genoeg: “Over jouw vader zijn er alleen maar positieve verhalen te vinden!”

“Om de een of andere reden, mij onbekend, is een straatnaam onmogelijk gebleken”, vertelt Wietske. Ze zet daarom in op een monument voor alle verzetsstrijders die de oorlog overleefd hebben én die met zijn allen de schouders eronder gezet hebben voor het Heerenveen van nu. “Dit mag absoluut niet vergeten worden!” Ze heeft al een ontwerptekening laten maken die in steen uitgevoerd kan gaan worden. Uiteindelijk wordt er tijdens een gesprek met burgemeester Tjeerd van der Zwan besloten om op 15 april 2023 een boom te planten in het parkje achter Minckelersstate, ‘de Boom der Onverzettelijken’. Met een QR-code die verwijst naar meer informatie over deze verzetsmensen. Wietske is er trots op dat er eindelijk een herinneringsmonument is voor de mensen uit dít deel van de geschiedenis van Heerenveen.

Daarnaast wordt ze door verschillende mensen aangespoord om gastlessen te gaan geven op basisscholen. “Voor ouderen in Heerenveen wilde ik liever geen lezing geven; iedereen heeft zijn eigen verhaal, helemaal als je wat ouder bent en het zelf nog hebt meegemaakt. Wie ben ik dan? Ik dacht niet dat het een goed idee was. Ik wilde wél voor deze groep vechten, en dat heb ik gedaan met die boom!” Gastlessen geven voor kinderen vindt ze wél een goed idee. “Ik hoop dat mijn verhaal indruk op ze maakt en dat ze het zich later nog herinneren.”

Levenslessen

Ondanks het te vroege overlijden van haar vader heeft Wietske de Jong veel van hem geleerd én overgenomen in haar eigen leven “Mijn vader was heel sociaal en vond het belangrijk om voor iedereen klaar te staan. Dat doen wij ook. Ik geloof dat je alleen maar kunt krijgen als je dienend bent, als je alles deelt. Dat deed mijn vader ook. Hij zette letterlijk en figuurlijk de deur van zijn huis open. Voor iedereen, ongeacht afkomst, geloofsovertuiging, enzovoort. Iedereen is welkom, altijd!”

Wietske de Jong, opgeleid als kleuterleidster, gaat tijdens haar werkzame leven met haar man in Sexbierum aan de slag in de apotheek. Ze doet de administratie en brengt de medicijnen bij ouderen thuis. Maar ze helpt ook bij bevallingen als de vroedvrouw niet op tijd kan zijn. Ze gaat mee als begeleidster bij schoolreisjes. De lijst is, net als bij haar vader, vanzelfsprekend veel langer. “Maar zoals eerder aangegeven gaat het niet om mij!”, zegt ze nogmaals. Wietske wil ons graag nog wel één ding meegeven: “Wees jezelf en heb vertrouwen in elkaar. Daar hebben ze het in de oorlog mee gered en kunnen wij het in deze roerige tijden óók weer mee redden.”

Beeld: Mustafa Gumussu
Tekst: Janita Baron

Wietske Brouwer - de Jong
In het midden Smid Jan de Jong