Stille tocht en herdenking bij monument aan de Van Maasdijkstraat

HEERENVEEN - Woensdagavond 4 mei was er na twee jaar weer een stille tocht en herdenking bij het monument aan de Van Maasdijkstraat. 

De Stille Tocht vertrok om 19.30 vanaf het hek voor Crackstate, het gemeentehuis, naar het monument in de Van Maasdijkstraat. Er liepen flink wat mensen mee richting het monument.

Bij het monument werd het publiek toegesproken door Rochella en Eline, leerlingen van groep 8 van de Van Maasdijkschool. Hierna volgeden toespraken van een vertegenwoordiger van het Veteranenplatform en burgemeester Tjeerd van der Zwan. Na de twee minuten stilte om acht uur heeft de burgemeester samen met twee scouts een krans gelegd bij het monument. Hierna volgde een defilé langs het monument.

Hieronder lees je de tekst uit de toespraak van burgemeester Tjeerd van der Zwan.

Beste mensen,

Wat fijn om jullie in zo grote getale hier vandaag weer bij elkaar te zien. In de afgelopen twee jaren – en dat vertelde Ronald Frans zojuist ook al – konden we niet fysiek bij elkaar komen om te herdenken. Daardoor was er niet dat ene speciale moment om samen – in verbondenheid - letterlijk stil te staan bij al die mensen die hun leven gaven om ons in vrijheid te laten leven.

Beste mensen,

Ik denk dat de meesten onder ons zich niet kunnen voorstellen hoe het is om opgeschrikt te worden door een plotsteling luchtalarm. Wat het met je doet wanneer je woning verwoest wordt door inslaande bommen. Hoe het voelt om met wildvreemden te moeten schuilen in kelders, hopend dat je op die manier veilig bent. Hoe het is om van het ene op het ander moment te moeten vluchten. Om zonder perspectief vaak jaren te moeten onderduiken. Gelukkig maar dat de meeste van ons nooit zelf hebben ervaren hoe levensbedreigende wanhoop voelt.

Er zijn steeds minder ooggetuigen die uit eigen ervaring de verhalen van 80 jaar geleden kunnen vertellen. Wat maakten zij mee en wat voelden ze? Wij moeten die verhalen levend proberen te houden. Bijvoorbeeld verhalen van degenen die in de begindagen van de oorlog ons land probeerden te verdedigen. Verhalen van mensen die gedwongen werden om voor de bezetter te werken. Maar ook de huiveringwekkende verhalen, over mannen, vrouwen en kinderen die weggevoerd en vermoord werden. Verhalen over vaders, moeders, hele gezinnen en families waarvan niemand meer thuiskwam.

Beste mensen,

Hoe vaak hebben wij het niet tegen elkaar gezegd: dit nooit meer! Nooit meer zo’n verschrikkelijke oorlog, nooit meer dat onmenselijke leed, nooit zullen we toestaan dat dit weer gebeurd.

Zo’n tachtig jaar na de verschrikkingen van de Tweede wereldoorlog worden we hard geconfronteerd met een oorlog die heel dichtbij is.

Wij zien en horen de verhalen van de Oekraïense vluchtelingen. Moeders en kinderen die niet weten of zij hun mannen, vaders en zonen ooit weer terug zullen zien. Deze vluchtelingen hebben voor een deel meegemaakt wat mensen in dit land tachtig jaar geleden meemaakten. De verhalen van de kinderen lijken soms op verhalen die kinderen hier in de oorlog meemaakten. Gescheiden van hun ouders, haastig in veiligheid gebracht bij wildvreemden.

Beste mensen,

Tijdens de Tweede Wereldoorlog wisten lang niet alle inwoners direct hoe meedogenloos de bezetter kon zijn. Na de overgave van ons land, in mei 1940, ging het overgrote deel van de Nederlanders over tot de orde van de dag.
Pas na verloop van tijd merkte men wat er gaande was. Er kwamen mensen in opstand, in verzet. Zij vochten, vaak ondergronds, met grote dapperheid tegen een schijnbaar oppermachtige vijand.

Zojuist noemden Rochelle en Eline de 28 namen die in ons monument gebeiteld zijn. Iedere persoon, elke naam heeft weer zijn eigen verhaal. Maar allemaal vielen ze voor onze vrijheid.

Naast deze 28 mensen waren er ook mannen en vrouwen die zich nét zo hard inzetten voor onze vrijheid, maar die de oorlog gelukkig wél overleefden. Die in verzet kwamen, die Joodse medebewoners hielpen aan onderduikadressen. Die papierwerk regelden, die wapens smokkelden. En die hun kameraden of mede verzetsstrijders zagen sneuvelen. Hun namen staan niet op dit monument. Het is heel fijn dat we binnenkort ook voor hen een aparte plek ter herinnering gaan inrichten.

Beste mensen,

Hier, voor mij, staat het Joodse monument dat enkele jaren geleden is geplaatst. Hiermee gedenken wij de joodse inwoners uit onze gemeente die in de oorlog zijn vermoord. Ook zijn onlangs in Heerenveen zogenaamde struikelstenen geplaatst voor woningen waar Joodse slachtoffers hebben gewoond en geleefd. Vandaag staan wij ook bij hen stil.

Beste mensen,

Zoals gezegd, ook nu zien we een vreselijke oorlog dichtbij ons. Een oorlog waar onschuldige burgers worden afgeslacht. Waar ziekenhuizen, scholen en kerken worden gebombardeerd. Waar hele steden door oorlogstuig worden vernietigd. We zien de verschrikkingen dagelijks. Zijn de lessen van de Tweede Wereldoorlog niet geleerd? Kunnen wij dat verschrikkelijke geweld niet stoppen? Moeten we blijvend machteloos toezien omdat we worden gegijzeld door het kernwapen? Hoe zal de geschiedenis onze opstelling later beoordelen? Hoe dit ook zij, makkelijke antwoorden zijn niet voorhanden.

Ook tachtig jaar geleden waren er voor de meeste mensen geen makkelijke antwoorden. Had de agressor eerder met geweld moeten worden gestopt? Had er meer verzet moeten worden gepleegd tegen de bezetter? Hadden we niet moeten meewerken om erger te voorkomen? Geen burgemeester blijven in oorlogstijd? Oordelen vanaf afstand is makkelijk. Dapper en principieel blijven handelen, ook wanneer dood en geweld dreigt, is maar weinigen gegeven.

Beste mensen,

Het ergste wat ons nu kan overkomen is dat we na een tijd wat onverschillig worden. Dat we, door de vele beelden die we zien, door de dagelijkse confrontatie met geweld en onderdrukking, immuun raken voor menselijk oorlogsleed. Dat er een generatie opgroeit die de bedreigingen van onze vrijheid niet herkent. Die niet goed kan inschatten wanneer je je stem moet verheffen en verzet geboden is. Die de signalen van de tijd niet verstaat.

Juist om dat schrikbeeld te voorkomen, om ook voor volgende generaties het besef levend te houden dat onze vrijheid fragiel is, juist ook daarom gedenken wij. Wanneer we zo stil zijn denken we – in verbondenheid - aan alle gevallenen uit de Tweede Wereldoorlog, burgers en militairen, en al die anderen die daarna hun leven gaven op missies in de hele wereld, om vrede en veiligheid te brengen bij gewone mensen zoals u en ik. Laten wij er voor zorgen dat hun offers nooit voor niets zijn geweest!